Het moeilijke zakenmodel van open source

  • door

Wie dacht er dat er met open source geen geld valt te verdienen? Kijk naar het Belgische Odoo, dat ruim 2 miljard waard is. Al blijven het vaak uitzonderingen. ‘De helft van onze werknemers werkt hier minder dan een jaar.’

Op een boerderij in Grand-Rosière in Waals-Brabant maakt Fabien Pinckaers van zijn softwarebedrijf Odoo de waardevolste techstart-up van België. De onderneming biedt een scala aan toepassingen voor bedrijfsbeheer, van erp tot crm.

Unicorns of eenhoorns, de benaming voor niet-genoteerde technologiebedrijven met een waardering van meer dan één miljard dollar, zijn in België overigens dun gezaaid. Naast Odoo horen in België voorlopig enkel dataspecialist Collibra en het webhostingbedrijf Team.blue tot dat selecte clubje.

1. Open source bij de start

De roots voor Odoo liggen in TinyErp, een open-bronpakket dat Pinckers lanceerde tijdens zijn studies aan de UCL. Daarna werd het OpenErp, met een duidelijke verwijzing naar open broncode, en vervolgens dus Odoo. Of hoe de basisfilosofie van open broncode al bij de start moet meezitten. Zoiets bouw je onderweg niet om.

Odoo telt intussen zowat 1.700 medewerkers (van de hoofdzetel in Grand-Rosière tot onder meer New York, San Francisco, Hongkong, Dubai en Argentinië) en meer dan zeven miljoen klanten, vooral kmo’s. ‘We rekruteren zo snel dat de helft van onze werknemers minder dan één jaar in het bedrijf werken’, aldus Fabien Pinckaers.

2. Open source is volume

Succesvolle (en rendabele) open source draait om volume. Bij Odoo betaalt zowat 90 procent van de gebruikers geen eurocent. Maar ze zorgen wel voor merkbekendheid. De ratio tussen niet-betalende en betalende gebruikers kan, volgens topman Pinckaers, perfect hetzelfde blijven. Zolang dat aantal klanten maar blijft groeien. Groeien kan nog zeker, want Odoo biedt software aan voor elke kmo.

Overigens betaalt een Odoo-klant (als die betaalt) 18 euro per maand. In vergelijking met sommige concurrenten is dat een bescheiden bedrag, maar wel op maat van de kmo-klant. Dat is ook de reden waarom het meer dan tien jaar heeft gekost om Odoo uit te groeien tot waar het vandaag staat. ‘We hadden enorme volumes nodig om iets te verdienen.’

3. Open source draait om het ecosysteem

Succesvolle open source, denk aan het contentmanagementsysteem Drupal, draait om het ecosysteem en ontwikkelaars die er toepassingen of apps voor bouwen. Zo bouwen ze ook bij Odoo een aantal officiële Odoo-apps bouwen.

Zo zitten er in de appstore van Odoo 30.000 andere apps, aangeleverd en ontwikkeld vanuit de community. ‘Wij hebben de grootste appwinkel voor businessapps ter wereld. Ter vergelijking: de op een na grootste, AppExchange van Salesforce, biedt zo’n zesduizend apps aan’, zo opperde Pinckaers daarover recent in De Tijd.

4. Beperkt aantal spelers per domein

Echt succesvolle opensource-bedrijven zijn dun gezaaid. Natuurlijk is er Red Hat, dat onderdeel is van IBM en zich specialiseert in de distributie en het onderhoud van Linux-distributies en -systemen. Volgens Stef Schampaert, countrymanager van Red Hat in België en Luxemburg, stegen de inkomsten van Red Hat het voorbije jaar met 17 procent. ‘Zij hielpen om de cloud- en dataplatform-unit van IBM flink te doen groeien’, oppert hij.

Maar er zijn geen andere opensourcebedrijven in dat domein als Red Hat. Net zoals WordPress ruim marktleider is in de markt van contentmanagementsystemen. Succesvolle opensourcebedrijven zijn per domein eerder beperkt. Odoo concurreert in zijn domein met Microsoft en SAP.

5. Opensourcebedrijven doen het anders

Ten slotte houden bedrijven met openbroncode er als filosofie vaak een andere bedrijfsfilosofie op na. ‘Zelf werven wij nooit ervaren managers aan. De enige manier om manager te worden is de beste van een team te worden’, geeft Fabien Pinckaers als voorbeeld. ‘En in ons land worden onze gemiddelde salarissen online per team gepubliceerd.’

Ondanks 1.700 werknemers hebben ze bij Odoo ook geen juridische afdeling, geen aankoopafdeling, geen afdeling controlling of geen data-analisten. ‘We houden het simpel’, klinkt het.

Bron: Computable